|
G l o b e t r o t t e r
|
|
METAAL - DE KRACHT OVER VOEDING MICRO-ORGANISMEN DE GESCHIEDENIS VAN DE VOEDINGSLEER VEGETARISME VOEDSELALLERGIE VOEDSELVEILIGHEID |
Eiwitten Eiwit wordt in het algemeen aangeduid als energiebron maar eigenlijk gaat het daarbij om de rol in de aanvoer van aminozuren. Eiwit bestaat uit aminozuren. De spijsvertering breekt het eiwit af tot de individuele aminozuren.Het lichaam heeft aminozuren nodig om zelf weer nieuwe eiwitten te maken, die benut worden bij de groei, het spierherstel en voor het zuurstoftransport naar de spiercellen. Er zijn 20 natuurlijke aminozuren die elk hun eigen eigenschap hebben. Daarnaast kunnen aminozuren aan elkaar gekoppeld zijn, dit zijn de zogenaamde peptiden. Er zijn wel honderden combinaties mogelijk van aminozuren (polypeptiden) en eiwitten zijn altijd polypeptiden. Als er één aminozuur anders gekoppeld is kan het eiwit onwerkzaam worden of een geheel andere functie krijgen. Bloedarmoede is een voorbeeld van de aanwezigheid van één foutief gekoppeld aminozuur. Omdat deze site geen wetenschappelijke verhandeling is, volstaat bovenstaande om de complexiteit en het belang van de eiwitten aan te duiden, maar ook om duidelijk te maken dat er niet een eenduidige eiwit bestaat. Er zijn vele soorten eiwitten, het lichaam heeft deze nodig en het lichaam maakt deze voor een zeer groot gedeelte zelf.
Het lichaam kan echter niet alle eiwitten zelf maken.
Acht zogenaamde essentiële eiwitten moeten uit de voeding gehaald worden. Dit
zijn: leucine, isoleucine, valine, teonine, methionine, fenylalanine,
tryptofaan en lysine. Deze stoffen worden 'gemaakt' door micro-organismen
in plankton. 'Hogere' dieren kunnen deze niet maken maar wel weer
opnemen door het eten van plankton. Uiteindelijk komen deze essentiële aminozuren
bij ons, mensen, terecht door het eten van vette vis en
schelpdieren. De vis en schelpdieren bevatten EPA (eicosapentaeenzuur) en
DHA (docosahexaeenzuur). EPA en DHA hebben, volgens studies, een
belangrijk effect op onze gezondheid, waarbij DHA het meest effectief zou
zijn, maar wij krijgen er gemiddeld te weinig van binnen. De aanbevolen
hoeveelheid zou 2 tot 3 gram per week zijn, zo'n 3% van de energieopname.
Je bevordert de opname door 2 x per week (vette) vis in plaats van vlees
te eten, oftewel 100 tot 300 gram per week.
Uit welke voedingsproducten kunnen we eiwit opnemen? Welke stoffen zijn nog meer nodig in een verantwoorde voeding? lees verder op de volgende bladzijde |
|