G l o b e t r o t t e r

Buitensportvoeding


de kracht om in weer en wind te blijven gaan, Kungsleden, Lapland
METAAL - DE KRACHT

OVER VOEDING
wat is verantwoorde voeding
de schijf van vijf
hoeveel energie
koolhydraten
vetten
cholesterol
essentiële vetzuren
eiwitten
vitamines
in vet oplosbare vitamines
in water oplosbare vitamines
over mineralen
bioactieve stoffen
probiotica en prébiotica
voedingssupplementen
gebruik voedingssupp.
fabeltjes over vitamines
verrijkte voeding
richtlijnen gezonde voeding
tips voor actievelingen
verdeling voedsel over de dag

MICRO-ORGANISMEN
wat is voedselbederf
vormen van besmetting
chemische besmetting
wat zijn micro-organismen
wat doen micro-organismen
soorten micro-organismen
hygiënetips

DE GESCHIEDENIS VAN DE VOEDINGSLEER
de geschiedenis van voedsel
oertijd tot 1960
1960 tot heden
voedsel en macht
religieuze aspecten

VEGETARISME
vegetarisme
combineren en vervangen

VOEDSELALLERGIE
voedselallergie
allergie en onze producten

VOEDSELVEILIGHEID
voedselveiligheid
de warenwet
controlerende instanties
risicoanalyse en veiligheid

naar de winkel

naar het hoofdmenu en de overige hoofdstukken


Wat is energie en waar komt het vandaan?

Energie is kracht en/of warmte en wordt uit voeding omgezet door verbranding. Energie gaat nooit verloren: heel simpel gezegd hebben de plantaardige voedingmiddelen, de energie in eerste instantie vanuit zonne-energie omgezet in koolhydraten, eiwitten en vetten. Daarmee hebben zij zichzelf in leven gehouden en de energieleverende stoffen opgeslagen in hun eigen 'lichaam'. Door het eten van planten (door mens of dier) komen de energieleverende stoffen ter beschikking van ons lichaam. Ditzelfde vindt ook plaats in dieren: de in het dierenlichaam opgeslagen voedingstoffen worden weer door ons lichaam gebruikt. 

Vroeger werd energie weergegeven in de term calorie. Calorie is echter de eenheid van warmte terwijl de energetische waarde van voeding veel meer belang heeft als kracht. Sinds een aantal jaren wordt dan ook Joule gebruikt als weergave eenheid voor energie. De voedingswaarde van een product wordt weergegeven als kJ (kilojoules).   

1 gram koolhydraat levert 17 kJ (= 4 kcal)
1 gram eiwit levert 17 kJ (= 4 kcal)
1 gram vet levert 37 kJ (= 9 kcal)
1 gram alcohol levert 29 kJ (= 7 kcal)
De energie-inhoud van een stof wordt (mede) bepaald door de aanwezige hoeveelheid vet, koolhydraat, eiwit en alcohol.
Het is echter niet zo dat je dan maar eenvoudig het aantal kJ optelt en daarmee een voldoende voedzame of gezonde maaltijd gecreëerd hebt.
Zo beschouwt zou je geneigd zijn om alcohol te gebruiken om aan je energiebehoefte te voldoen. Helaas levert niet elke kJ ook nuttige energie. Met de kJ die alcohol levert kan je lichaam weinig anders dan warmte produceren en zelfs deze warmte leidt niet tot verwarming maar tot afkoeling (maar daarover lees je in het hoofdstuk water.)
Vet is ook zo'n verwarrende leverancier. Los van de discussie over goede en slechte vetten, bevat vet in zijn totaliteit wel veel kJ, maar levert vet geen efficiënte energie. Vet moet eerst in de darmen omgezet worden tot vetzuren en glycerol. Tijdens deze omzetting wordt energie en zuurstof verbruikt. Twee zaken die je eigenlijk voor andere doeleinden wilt gebruiken. Het glycerol wordt wel gebruikt bij de energievorming, dat wordt nog verder uitgelegd op de bladzijde koolhydraten, maar naarmate de inspanning langer duurt levert vet minder energie. Vet is daarentegen wel nodig voor het verbrandingsproces. Vet moet dus gebruikt worden bij het verbrandingsproces maar niet als energiebasis
Koolhydraten kunnen als suikers of als zetmeel voorkomen: de suikers leveren wel energie maar hebben neveneffecten bij overdadig gebruik (hypoglykemie: zie uitleg bij koolhydraten) en leveren over het algemeen kortstondig energie. Als je langdurige kracht moet leveren heb je daar dus niet veel aan. 

Tja.., waar haalt een 'actieve buitensporter' zijn of haar energie dan uit? Een stukje uit de voedingsleer: De inspanning moet geleverd worden door het spierstelsel. De spieren halen de benodigde energie uit glucose die in ons bloed circuleert (glucose is voor het lichaam wat benzine is voor een automotor). Glucose wordt voortdurend aangevuld vanuit het maagdarmstelsel (voeding) en uit onze energiedepots: de glycogeendepots (= glucose opgeslagen in spieren en lever) en de vetdepots. Het is dus belangrijk om de "glycogeendepots" goed te benutten. Als deze fors worden aangesproken worden er i.p.v  koolhydraten, eiwit (o.a. uit het spierweefsel) en vet aangesproken en dat moet je zien te voorkomen. Vet is immers belangrijk voor de optimale verbranding en je wilt natuurlijk niet het spierweefsel aantasten. Het vervelende verschijnsel doet zich ook nog voor dat opgeslagen vet (als je te dik bent) niet als eerste bron zal worden aangesproken. Het heeft dus geen nut om, vanuit de wil tot een slankere taille, het voedingsevenwicht te verstoren.  

Dus moet het glycogeendepot voortdurend aangevuld worden uit andere bronnen en hiervoor gebruik je koolhydraatrijk voedsel. Voor een optimale energieopname moet het voedsel samengesteld zijn uit: 50% koolhydraat, 15% eiwit en 35% vet.

Hoeveel energie heb je eigenlijk nodig? Dat lees je op  de volgende bladzijde


© Globetrotter, 1999 - 2002. Laatste update: 1 oktober 2002.

terug naar de vorige pagina