|
G l o b e t r o t t e r
|
|
VUUR - DE WARMTEBRON OVER VUURMAKERS POTTEN en PANNEN KOOKBOEKEN en KOOKCURSUSSEN naar de winkel naar het hoofdmenu en de overige hoofdstukken
|
Pannen:
het materiaal
Het materiaal bepaalt voor een groot gedeelte de eigenschappen van de
pan:
warmtegeleiding, gewicht, gebruiksduur en prijs. Door dit alles tezamen, bepaalt het materiaal de gebruiksmogelijkheden. Eigenlijk zijn er voor de buitensportkok maar een paar materialen van
belang: aluminium, ijzer, staal, koper en titanium. In hun pure vorm hebben
deze materialen elk een geheel eigen kwaliteit, die zowel voordelig als
nadelig kan zijn. Legeringen: rond 1900 werd ontdekt dat er
door het mengen van ijzer met andere metalen een nieuw materiaal
ontstond dat betere gebruiksmogelijkheden biedt dan het pure ijzer op
zich. Een product, dat ontstaan is door het mengen van bestaande metalen
wordt een legering genoemd. Het meest bekende voorbeeld daarvan is
RoestVastStaal (RVS). RVS is een verzamelnaam voor een aantal
ijzerlegeringen met minimaal 18% chroom en een laag koolstofgehalte.
Door het toevoegen van andere metalen is, bijvoorbeeld, de
weerstand tegen roesten verbeterd. Inmiddels bestaat RVS in diverse
types, elk met hun eigen verhouding van diverse metalen. Elk RVS-type
heeft daardoor zijn eigen kwaliteit en toepassingsgebied. Wanneer wij
het op deze site over RVS hebben wordt de legering bedoeld die bestemd
is voor huishoudelijk gebruik, over het algemeen is dat de 18/8-kwaliteit. Hiermee wordt bedoeld dat het product 18% chroom en 8%
nikkel bevat. (Kwaliteitsmessen worden gemaakt van RVS dat tussen de 13
en 17% chroom bevat.) In de ruimtevaart wordt ook nog een andere soort
RVS gebruikt: de zogenaamde superlegering, of superalloys, waarin
meer nikkel maar ook kobalt kan voorkomen en het ijzergehalte tot
beneden de 50% kan zijn teruggebracht. Deze legeringen zijn erg duur
maar ook heel licht, zeer roestvast en bestand tegen grote hitte.
Legeringen worden ook bij de andere materialen aangetroffen. Aluminium
wordt vaak als legering aangeboden. Ook hierin kan chroom verwerkt zijn,
of is koper toegevoegd waardoor de pan een betere warmtegeleiding heeft,
betere roestbestendigheid heeft en/of veel lichter kan zijn. Warmtegeleiding: het materiaal (de structuur van het
materiaal) waarvan de pan gemaakt is bepaalt (mede) de kooksnelheid doordat het ene materiaal nu
eenmaal sneller en gelijkmatiger warmte geleidt dan de ander. Warmtegeleiding is het proces waarbij de warmte door de substantie
'stroomt' van de warmere naar de koudere omgeving. Hierbij geldt dat hoe groter
het temperatuurverschil is, hoe harder de warmte
'stroomt'. Hét voorbeeld van blote voeten op het koude
zeil. Om aan te geven hoe
snel de geleiding van warmte verloopt wordt de geleidingscoëfficiënt
gebruikt, die wordt uitgedrukt in de eenheid: W/m*K (= energie gedeeld door meters x graden Kelvin oftwel: het aantal
joule dat getransporteerd wordt over 1 meter om een stof 1 graad hoger (warmer) te
maken)
Of, nog simpeler gezegd: Hoe hoger het getal, hoe beter de geleiding. Het beste resultaat geeft
koper met 3.937. In de legeringen wordt dan ook vaak koper gebruikt en gerenommeerde koks gebruiken daarom
koperen pannen wanneer een gerecht snel en gelijkmatig verhit moet worden. Voor
aluminium geldt daarbij het cijfer 2.165, voor RVS 18/8: 0.146 - 0.240,
voor titanium:
0.157 Gewicht: naast de warmtegeleiding is ook het gewicht van het
materiaal
erg belangrijk voor buitenkoks. Ondanks de uitstekende cijfers van koper
is dit materiaal beperkt geschikt omdat het erg zwaar is. Voor buitensporters beperkt het aanbod zich
dan ook tot aluminium (van zuiver tot allerlei legeringen), RVS of titanium. |
|